Jurisprudentie Collectieve Horecaontzegging
Het dossier uitgaansgeweld op de website van het CCV is deze week uitgebreid met informatie over jurisprudentie rond de Collectieve Horecaontzegging (CHO).
De CHO is een populair middel voor horeca om, samen met politie en gemeente, notoire geweldplegers te weren uit hun zaak. Daarbij krijgt men te maken met wetgeving over privacy, lokaalvredebreuk en privaatrecht versus strafrecht. Sinds 2009 is jurisprudentie beschikbaar. Het CCV heeft de interpretatie van de bijbehorende wetsartikelen van de rechtbanken Almelo en Middelburg en van de Hoge Raad samengevat en gepubliceerd in het dossier Uitgaansgeweld.
Sinds 2009 zijn er vier uitspraken gedaan over de CHO:
- De rechtbank in Middelburg oordeelt in een zaak dat de horeca bevoegd is om personen uit hun zaak te weren, mits ze zich aan de afspraken uit het convenant houden en de maatschappelijke zorgvuldigheid in het oog houden.
- De politierechter (rechtbank Almelo) stelt in een andere zaak een aantal fundamentele en praktische vragen over de toepassing van de CHO als middel om overlast in horeca te bestrijden. Hij verwijst daarom de zaak door naar de meervoudige kamer van de rechtbank, zodat die daarover kan oordelen. De meervoudige kamer in Almelo verklaart vervolgens het OM niet-ontvankelijk vanwege de grote rol van politie en justitie in de CHO.
- In de meest recente zaak oordeelt de Hoge Raad dat er sprake is van wederrechtelijk binnendringen in een horecagelegenheid, ook al werd de verdachte (per abuis), met een CHO op zak toegelaten.
Links
- De uitspraken zijn te vinden in het dossier Uitgaansgeweld.



