Delen
21 jan 2005

Gemeente mag vergunning intrekken bij vermoeden misdaad

Het College van Burgemeester en Wethouders in Venlo heeft terecht de vergunning van een horecabedrijf ingetrokken. Dat heeft de voorzieningenrechter in Roermond bepaald. De gemeente had het vermoeden dat het bedrijf de vergunning zou misbruiken voor het witwassen van zwart geld en voor drugshandel.

Voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis ligt er nu een gerechtelijke uitspraak waarvan de consequentie is dat een horecavergunning op basis van de wet BIBOB (Wet Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur) wordt ingetrokken.

 

De gemeente maakte gebruik van de nieuwe mogelijkheden die de wet biedt. De wet biedt gemeenten de mogelijkheid om zelf een soort antecedentenonderzoek in te stellen. Daarbij mag de gemeente informatie vragen aan politie en justitie. Bovendien moet de aanvrager uitgebreide vragenlijsten invullen.

 

In de ogen van de rechter heeft Venlo in dit geval voldoende aangetoond dat er sprake was van ernstig gevaar dat de vergunning mede gebruikt zou worden voor het benutten van voordelen uit strafbare feiten [lees: witwassen], dan wel het plegen van strafbare feiten.

 

Overigens heeft Venlo eerder al op basis van BIBOB twee vergunningen ingetrokken, maar van die besluiten is de houdbaarheid niet door de rechter getoetst. In één van beide gevallen was het bekend worden van het voorgenomen besluit van de gemeente al voldoende om de aanvrager te doen besluiten de aanvraag niet in te dienen en zijn horecavergunning "in te leveren".

 

De werkwijze van Venlo heeft een duidelijke spin off. Het werkt afschrikwekkend: verscheidene aanvragen zijn ingetrokken. Het is gebleken dat de gemeente met BIBOB in de hand slagvaardiger bezig kan zijn met de bestuursrechtelijke aanpak van criminaliteit. Niet onbelangrijk daarbij is dat de kennis van/over de criminaliteit in de gemeente toeneemt.