Handhavingsinstrumenten
Om beleid en wetgeving te handhaven is een aantal bestuurlijke instrumenten, maatregelen en regelingen beschikbaar. Deze variëren van het intrekken en weigeren van vergunningen tot het sluiten en onteigenen van woningen en bedrijfspanden.
Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG)
Waarschuwing
Bestuursdwang, last onder dwangsom en preventieve dwangsom
Intrekken / weigeren van een beschikking
Wet BIBOB
Binnentreden van woningen
Sluiting en onteigening van panden
Opkopen van panden
Meer informatie over aandachtspunten van handhaving, is te vinden in het stappenplan onder stap 4.
Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG)
VOG is een verklaring waaruit blijkt dat het gedrag van de aanvrager geen bezwaar oplevert voor bijvoorbeeld een vergunning. Met de VOG heeft een gemeente een snel, goedkoop en gemakkelijk instrument in handen om bij een vergunningaanvraag te controleren of een aanvrager relevante criminele antecedenten op zijn naam heeft staan. Relevant betekent hier ten aanzien van het doel waarvoor de VOG wordt aangevraagd. De mogelijkheden van een VOG zijn beperkt. Aan te bevelen is daarom dit instrument in te zetten in combinatie met andere middelen.
Waarschuwing
Bij een overtreding wordt meestal eerst een schriftelijke waarschuwing gegeven. Bij herhaalde overtreding kan de gemeente sancties opleggen. Belangrijk voor de schriftelijke waarschuwing is dat op alle geconstateerde feiten wordt gewezen. De gemeente moet een exploitant de mogelijkheid geven naar aanleiding van een waarschuwing mondeling of schriftelijk te reageren. Waarschuwingen hebben een beperkte geldigheidsduur.
In het handhavingsreglement (zie stappenplan prostitutiebeleid, stap 4) is vastgelegd hoe lang een waarschuwing geldig is. Als een hernieuwde overtreding plaatsvindt na het verstrijken van deze termijn, moet eerst opnieuw een waarschuwing worden gegeven. Als er sprake is van mensenhandel wordt de stap van de schriftelijke waarschuwing in sommige gemeenten overgeslagen.
Bestuursdwang, last onder dwangsom en preventieve dwangsom
Deze drie instrumenten vinden hun oorsprong in de Algemene wet bestuursrecht. Bij bestuursdwang wordt de bestaande illegale situatie in overeenstemming gebracht met de wettelijk geldende normen. Bijvoorbeeld het afbreken van een illegaal bouwwerk. Bij een last onder dwangsom moet de overtreder een geldsom betalen, tenzij binnen een gestelde termijn de illegale situatie wordt aangepast aan de wettelijke norm. Als de regels steeds door dezelfde persoon wordt overtreden, kan die persoon een preventieve dwangsom krijgen. Meer informatie over deze instrumenten is te vinden op de CCV-themasite Gemeenten aan Zet.
Intrekken / weigeren van een beschikking
Een gemeente kan een vergunning (beschikking) intrekken of weigeren. Bijvoorbeeld: als een aanvraag niet aan de vergunningvoorwaarden zoals brandveiligheid voldoet, als het niet overeenkomt met het gemeentelijk beleid, als er sprake is van een dreigende verstoring van de openbare orde en veiligheid, als onvoldoende informatie is aangeleverd (niet-ontvankelijk verklaring) of als er sprake is van ernstig gevaar in het kader van de Wet BIBOB.
Wetsvoorstel Regulering prostitutie
In het Wetsvoorstel Regulering prostitutie zijn verplichte en facultatieve weigeringgronden voor een vergunning voor het exploiteren van een seksinrichting geformuleerd. Zo moet een vergunning worden geweigerd als de exploitant of beheerder van slecht levensgedrag is of er aanwijzingen zijn dat er personen werkzaam zijn die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt. Meer informatie over de verplichte en facultatieve weigeringgronden zijn te vinden in artikel 14 en 15 van het Wetsvoorstel Regulering prostitutie. In artikel 17 en 18 staan de verplichte en facultatieve intrekkinggronden vermeld.
Wet BIBOB
De mogelijkheden om een beschikking in te trekken, zijn uitgebreid met de komst van de Wet Bevordering IntegriteitsBeoordelingen door het Openbaar Bestuur (Wet BIBOB). De Wet BIBOB geeft gemeenten de bevoegdheid om voor bepaalde branches vergunningen en subsidies te weigeren of in te trekken als ernstig gevaar bestaat dat daarmee strafbare feiten worden gepleegd of uit strafbare feiten verkregen voordelen worden benut.
Gemeenten doen zelf onderzoek naar de mate van gevaar. Als gemeenten de twijfels omtrent de aanvraag niet weg kunnen nemen, maar er is nog onvoldoende zekerheid over de mate van gevaar om de vergunning te weigeren / in te trekken, dan kan bij het landelijk Bureau BIBOB advies worden aangevraagd. Het bureau heeft een stappenplan opgesteld voor de implementatie van BIBOB.
Meer informatie over de Wet BIBOB:
- Ministerie van Justitie
- CCV-themasite: Gemeenten aan Zet
- Er zijn verschillende publicaties over de wet BIBOB te vinden in het documentenoverzicht van het CCV-dossier bestuurlijke aanpak criminele praktijken.
Binnentreden van woningen
Het gemeentebestuur heeft (op basis van de Algemene wet op het binnentreden) de bevoegdheid een machtiging tot binnentreden van een woning te geven. Dit kan bijvoorbeeld gebruikt worden in het kader van de bestuurlijke handhaving en bij hulpverlening.
De burgemeester kan alleen een machtiging geven voor niet-strafvorderlijke doeleinden. De Algemene wet op het binnentreden geeft vormvoorschriften: welke personen in welke gevallen bevoegd zijn om een woning zonder toestemming binnen te treden.
Op grond van artikel 5:27 Awb is het bestuursorgaan dat bestuursdwang toepast, bevoegd tot het geven van een machtiging tot het binnentreden van woningen. Ook kan de burgemeester onder bepaalde omstandigheden deze bevoegdheid bij verordening verlenen. Ten slotte is een ambtenaar van de gemeente, in het kader van de rechtmatige uitoefening van zijn functie (bediening), bevoegd een woning (na legitimatie en mededeling van het doel van het bezoek) binnen te treden om een aantal zaken te controleren. Dat kan gaan om inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie, controle op persoon (de ambtenaar mag vragen naar de identiteit van de bewoner) en controle van de woning (bijvoorbeeld brandgevaar).
Er kunnen geen dwangmiddelen worden toegepast. Wel kan de ambtenaar in geval van aangetroffen misstanden bijvoorbeeld de vreemdelingenpolitie (in geval van illegaliteit) inschakelen.
Sluiting en onteigening van panden
De burgemeester kan een woning sluiten of (verdergaand) onteigenen. Het sluiten van panden kan op basis van de APV, artikel 174a van de Gemeentewet (Wet Victoria) en artikel 14 van de Woningwet (Wet Victor). Onteigenen kan op basis van artikel 77 van de Onteigeningswet. Meer informatie over deze bevoegdheden is te vinden op de CCV-themasite Gemeenten aan Zet.
Meer informatie:
- CCV-dossier: Woonfraude
- CCV-dossier: Drugs - jurisprudentie
Opkopen van panden
Als de gemeente over voldoende financiële mogelijkheden beschikt (eventueel in samenwerking met een woningcorporatie), bestaat de mogelijkheid om strategische en overlastgevende panden op te kopen. De gemeente stimuleert op deze manier bijvoorbeeld dat zich in het gebied nieuwe ondernemers vestigen. In het verlengde hiervan is het voor gemeenten ook mogelijk de aanpak van een probleemgebied binnen een gemeentelijk herstructureringsprogramma te brengen. Hiervoor kan de gemeente onder andere gebruik maken van subsidies in het kader van het Grotestedenbeleid.




