Gedragscodes

Gedragscodes

In 2006 publiceerde het CCV een 'Handreiking gedragscodes' met praktische adviezen en een globaal stappenplan voor het ontwikkelen van een gedragscode. De handreiking is bedoeld voor lokale professionals zoals de (jeugd)coördinator van een sportvereniging en het managementteam van een school voor voortgezet onderwijs.

Het CCV heeft daarna een stappenplan ontwikkeld, specifiek voor het opzetten van een project gedragscodes in de buurt. Dit stappenplan is in 2008 uitgetest in vijf pilotbuurten. De handreiking uit 2006 is nog wel toepasbaar voor de andere domeinen zoals vrije tijd en sport.

Momenteel begeleidt het CCV zes nieuwe pilots gedragscodes in de buurt. De ervaring die wordt opgedaan in deze projecten, wordt verwerkt in het stappenplan.

Schematisch overzicht stappenplan gedragscodes in de buurt

Stap Activiteiten Resultaten

 1. Initiatief

  • contact leggen met benodigde partijen en een projectgroep vormen
  • draagvlak creëren onder buurtbewoners
  • taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van betrokkenen vaststellen
  • plan van aanpak opstellen
  • ingerichte werkorganisatie
  • plan van aanpak
  • overzicht van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden
  • communicatieplan (optioneel)
  • intentieverklaring (optioneel)
  • collegenota / informeren van het college (optioneel)
  • inventarisatie van mogelijke activiteiten (optioneel)

2. Analyse

  • probleemsituatie onderzoeken op basis van ervaringen en inzichten
  • probleemanalyse
  • clustering van problemen in categorieën (optioneel)

3. Prioritering

  • prioriteiten stellen
  • overzicht van de belangrijkste problemen in de buurt

4. Vaststelling en invoering

  • gedragscode ontwerpen
  • mogelijkheden tot handhaving bepalen
  • gedragscode vaststellen
  • gedragscode bekendmaken en invoeren volgens het plan van aanpak
  • definitieve gedragscode
  • handhavingsdocument
  • plan van aanpak (aanvulling)
  • overzicht van de uit te voeren activiteiten
  • communicatieplan (optioneel)
  • convenant (optioneel)

5. Evaluatie en borging

  • project evalueren
  • samenwerking evalueren
  • gedragscode onderhouden
  • procesevaluatie
  • effectevaluatie
  • borging in beleid
  • collegenota / informeren van het college (optioneel)

Doel

Steeds meer buurten in Nederland hebben te maken met vervelende situaties als vandalisme, agressie, geluidsoverlast en straatvuil. Mensen ergeren zich aan wat anderen doen, maar durven of willen er niets van te zeggen. Buurtgenoten kennen elkaar vaak niet persoonlijk en zijn weinig betrokken bij hun woonomgeving. Door ongewenst gedrag van bewoners kan de leefbaarheid van een buurt steeds verder achteruit gaan.

Een van de manieren om deze neerwaartse spiraal te doorbreken, is de ontwikkeling van een gedragscode voor en door buurtbewoners. De aanpak is laagdrempelig en versterkt de binding met de buurt en tussen bewoners onderling. Ook heeft een gedragscode een positief effect op de zelfredzaamheid van buurtbewoners.

Een gedragscode is goed in te zetten in combinatie met andere instrumenten zoals buurt- en jongerenbuurtbemiddeling. Een samenhangend aanbod maakt het mogelijk om op buurtniveau gericht te werken aan sociale veiligheid, positief contact tussen bewoners en betrokkenheid bij de buurt.

Voorwaarden

Voor een juiste inzet van het instrument, is het van belang dat een gedragscode:

  • ontstaat in nauwe samenwerking met buurtbewoners;
  • voldoende draagvlak heeft onder alle betrokkenen;
  • betrekking heeft op verschillende niveaus (weten, willen en doen);
  • verwijst naar concreet gedrag;
  • duidelijk is vastgelegd;
  • meetbare resultaten oplevert;
  • gepaard gaat met afspraken over de naleving;
  • voorziet in feedback op handelen, zowel positief als negatief;
  • voorziet in borging van het proces, ook op langere termijn.

Aanbevelingen

Voor het succesvol verloop van een gedragscodeproject zijn verschillende factoren van belang. In de praktijk is vooral gebleken dat een project staat of valt met de inzet en betrokkenheid van bewoners. Daarom richten de meeste aanbevelingen zich op het vergroten van het draagvlak onder de buurtbewoners:

  • betrek bewoners actief bij het project en laat hen meebeslissen. Maak hen (mede-)
  • eigenaren van de gedragscode, zodat ze gemotiveerd zijn om zich aan de afspraken te houden;
  • verdiep je in de wensen en behoeften van de bewoners. Werk vraaggericht;
  • wees voorbereid op kritiek van bewoners en onderzoek wat deze inhoudt;
  • investeer in de projectvoorbereiding; geef aandacht aan de samenstelling van een projectgroep, de verdeling van taken en bevoegdheden en de ontwikkeling van een plan van aanpak;
  • maak het project onderdeel van een breder beleidskader; zorg voor samenhang met andere projecten en interventies in de buurt;
  • besef dat de professionals (met name welzijnswerkers) een belangrijke rol vervullen; zij faciliteren het project, jagen het aan en geven waar nodig advies aan betrokkenen;
  • zorg bij personele wisselingen voor continuïteit van het project;
  • geef aan wat je verwacht van bewoners en wat zij op hun beurt mogen verwachten;
  • maak de afspraken zichtbaar door bijvoorbeeld een aansprekend logo en herkenbare vormgeving te gebruiken.

Rol CCV

      Het CCV is aanspreekpunt voor vragen over gedragscodes. Professionals die een project gedragscodes willen opzetten, kunnen bij het CCV terecht voor informatie, advies en expertise. U kunt contact opnemen met Nicole Langeveld op (030) 751 6746 of via de mail.

    Links