Veelgestelde vragen Cameratoezicht
- Onder welke omstandigheden mogen gemeenten overgaan tot publiek cameratoezicht?
Op grond van de wet mogen gemeenten cameratoezicht toepassen op openbare plaatsen indien dit noodzakelijk is voor de handhaving van de openbare orde. Hieronder valt ook de algemene bestuurlijke voorkoming van strafbare feiten die invloed hebben op de orde en rust in de gemeentelijke samenleving. Wel moet het cameratoezicht evenredig zijn in relatie tot het doel (proportionaliteit) en moet worden bezien of dit doel, namelijk de handhaving van de openbare orde, niet op een minder ingrijpende wijze kan worden bereikt (subsidiariteit).
- Op welke plaatsen mogen gemeenten cameratoezicht toepassen als bedoeld in de Gemeentewet?
De invulling van het begrip ‘openbare plaats’ is ontleend aan de Wet openbare manifestaties (Wom). Er wordt in het algemeen het begrip ‘op straat’ mee bedoeld, dus straten en wegen, maar ook openbare plantsoenen, speelweiden, parken en vrij toegankelijke gedeelten van overdekte (winkel)passages en stationshallen. Het feit dat openbare plaatsen mogelijk particulier eigendom zijn, neemt niet weg dat gemeenten op deze plaatsen in overleg met de eigenaar cameratoezicht kunnen toepassen voor de handhaving van de openbare orde. De wet is dan gewoon van toepassing.
- Welke regels gelden voor kortstondig en/of mobiel cameratoezicht?
Kortstondig en/of mobiel cameragebruik is in ieder geval mogelijk bij evenementen, rellen en grootschalige ordeverstoringen. In dergelijke gevallen, waarbij steeds een concrete aanleiding bestaat, kan de bevoegdheid tot cameragebruik door de politie worden ontleend aan artikel 2 van de Politiewet 1993.
- Welk privacyregime is van toepassingen op de vastgelegde beelden?
Dit hangt af van het doel waarmee de beelden verzameld worden. Vindt het cameratoezicht plaats ter handhaving van de openbare orde (artikel 151c Gemeentewet), dan is de Wet politiegegevens van toepassing.
Er kan hierbij sprake zijn van een verwerking ten behoeve van de uitvoering van de dagelijkse politietaak (artikel 8 Wet politiegegevens) of een onderzoek met het oog op de handhaving van de rechtsorde in een bepaald geval (artikel 9 Wet politiegegevens ).
Wordt er gefilmd om zaken en personen te beveiligen dan is de Wbp van toepassing, ook al gebeurt dit door een gemeente.
- Hoe lang mogen de vastgelegde beelden worden bewaard?
Vindt het cameratoezicht plaats onder het regime van artikel 151c Gemeentewet dan mogen de beelden van publiek cameratoezicht ten hoogste vier weken worden bewaard. Een uitzondering op deze regel vormen alle beelden waarop strafbare feiten zijn vastgelegd en de beelden die door de politie ingezet worden voor de opsporing en vervolging van de verdachten van een gepleegd strafbaar feit.
Vindt het cameratoezicht plaats onder het regime van de Wbp dan is de maximale bewaartermijn om niet in aanmerking te komen voor een melding bij het CBP 24 uur (artikel 38, zesde lid VB). De beelden van privaat cameratoezicht mogen, indien aangemeld, ten hoogste zeven dagen worden bewaard.
- Moet het cameratoezicht kenbaar zijn?
Op grond van de wet moeten burgers in kennis worden gesteld van de mogelijkheid dat zij op beelden kunnen voorkomen zodra zij het gebied betreden dat valt binnen het bereik van de camera’s. Aan dit kenbaarheidsvereiste moet niet alleen worden voldaan als er beelden worden vastgelegd, maar ook als sprake is van monitoring en er dus geen opnames worden gemaakt. Het niet kenbaar maken van cameratoezicht is strafbaar!
- Mag een gemeente dummycamera’s gebruiken?
Dummycamera’s leggen geen beelden vast. Daarmee is er geen sprake van het bewerken van gegevens in de zin van de Wbp. Dummycamera’s kunnen daarmee vrij gebruikt worden. Mocht u als gemeente besluiten dummycamera’s in te zetten, houd er dan wel rekening mee dat deze enerzijds personen afschrikken, maar aan de andere kant verwachtingen scheppen bij burgers ten aanzien van hun veiligheid op straat. Denk na over het afbreukrisico wanneer er zich een incident voordoet en er geen camerabeelden getoond kunnen worden.
- Mag een gemeente een (web)camera inzetten voor promotiedoeleinden?
Veel websites tonen beelden van een openbare locatie voor toeristische promotiedoeleinden. Wanneer hiermee burgers niet herkenbaar in beeld worden gebracht en de beelden niet opgenomen worden, is er geen sprake van gegevensverwerking. Met die beperkingen in gedachte, mogen de camera’s worden gebruikt voor promotiedoeleinden.
- Kan ik als gemeente burgers verplichten om camera’s aan hun gevel toe te staan?
In de model APV van de VNG staat genoemd dat de burger deze zaken alleen hoeft te dulden als het om openbare verlichting gaat en/of voorzieningen voor het openbaar verkeer. Deze bevoegdheid komt voort uit de Belemmeringenwet Privaatrecht. Het verplicht toestaan van camera’s aan de gevel valt daar niet onder. Burgers kunnen daarmee niet zonder meer verplicht worden camera’s toe te staan.
- Welke aspecten zijn belangrijk bij de invoering van cameratoezicht?
Gemeenten die overgaan tot het invoeren van cameratoezicht, moeten een projectstructuur opzetten waarin de nodige organisatorische, juridische en technische deskundigheid is vertegenwoordigd. In deze fase moeten de operationele eisen van het camerasysteem worden geformuleerd. Hiervoor kunnen gemeenten de Beoordelingsrichtlijnen cameratoezicht op openbare plaatsen gebruiken.
- Welke aspecten zijn belangrijk bij de uitvoering van cameratoezicht?
De uitvoering vangt aan met het aanvragen van offertes bij installatiebedrijven en/of leveranciers van cameratoezicht. Het is van belang om goede afspraken te maken over de leveringstermijn en om na te gaan of het programma van eisen voor het camerasysteem in de offerte is opgenomen. Na installatie moet het systeem worden getest. Aan de hand van de testresultaten kunnen eventuele aanpassingen plaatsvinden.
Het verdient de aanbeveling om als gemeente, alvorens het camerasysteem operationeel wordt, met de politie en de officier van justitie in een protocol of convenant afspraken vast te laten leggen over de rechtmatige en efficiënte uitvoering van het cameratoezicht.
- Wie is er verantwoordelijk voor de opgeslagen beelden, die op grond van artikel 151c Gemeentewet zijn gemaakt?
De Gemeentewet stelt dat de opgenomen beelden vallen onder de Wet politiegegevens. Daarmee is de politie verantwoordelijk voor het beheer van de opgeslagen beelden. Betrokkenen dienen verzoeken om inzake dan ook aan de politie te doen en niet aan de gemeente.



