Veelgestelde vragen Overig
- Wat zijn de verschillen tussen de bevoegdheden van de burgemeester en de bevoegdheden van de officier van justitie?
-
De burgemeester mag gebruik maken van zijn bevoegdheden als sprake is van vrees voor verdere verstoring van de openbare orde. Het doel is openbare ordehandhaving. De officier van justitie kan gebruik maken van zijn bevoegdheden als sprake is van verdenking van een strafbaar feit en er grote vrees bestaat voor herhaling of voor nieuwe strafbare feiten. Het doel is strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde. In sommige gevallen kunnen zowel het bevel van de burgemeester als de gedragsaanwijzing van de officier van justitie opgelegd worden. Afstemming en overleg is in dergelijke gevallen noodzakelijk. Daarnaast is in de wet een samenloopregeling opgenomen (zie volgende vraag).
- Wat houdt de samenloopregeling precies in?
-
Deze houdt in dat de burgemeester geen gebiedsverbod of groepsverbod oplegt indien de officier van justitie een gedragsaanwijzing in de vorm van een gebiedsverbod aan de betrokkene heeft gegeven voor hetzelfde gebied. Dit is terug te vinden in het voorgestelde artikel 172a, derde lid, Gemeentewet. Achtergrond van deze constructie is dat moet worden voorkomen dat de persoon in kwestie met twee gebiedsverboden tegelijk wordt geconfronteerd (zie paragraaf 3.3.2, memorie van toelichting).
- Is een eerder proces-verbaal nodig alvorens de maatregelen kunnen worden opgelegd?
-
In het geval van een burgemeestersbevel strikt genomen niet. In de praktijk zal dit doorgaans wel het geval zijn, met uitzondering van 12-minners. Een gebiedsverbod, meldingsplicht of groepsverbod zijn immers ‘zware’ instrumenten. Er moet sprake zijn van ernstige overlast, vaak en langdurig, groepsgewijs of individueel. Dat zal in een dossier vastgelegd moeten zijn (zie paragraaf 3.1.3, memorie van toelichting).
- Waar moet een dossier aan voldoen?
-
De burgemeester baseert zijn bevel op een bestuurlijk dossier dat onder regie van de gemeente tot stand wordt gebracht. De officier van justitie baseert zijn gedragsaanwijzing op het strafdossier.In hoofdstuk 7 van de Handreiking Wet Maatregelen Bestrijding Voetbalvandalisme en Ernstige Overlast wordt dieper ingegaan op het dossier
- Hoe verloopt het proces van informatie-uitwisseling?
-
Hierbij kan aangesloten worden op bestaande casusoverleggen en het Veiligheidshuis. Partijen die te maken hebben met overlast en jeugd komen in het Veiligheidshuis bij elkaar. Ook gaat het vaak om informatie die al bij de politie in de systemen beschikbaar is. Burgemeester en officier van justitie kunnen bij het opleggen van het bevel resp. de gedragsaanwijzing van deze gegevens gebruik maken.
- Als de officier van justitie nog niet weet of gedagvaard gaat worden, kan de burgemeester dan, in afwachting van deze beslissing, gebruik maken van zijn bevoegdheden?
-
De officier kan de gedragsaanwijzing geven “in geval van verdenking van een strafbaar feit”. De officier van justitie kan dus vooruitlopend op de beslissing tot dagvaarding een gedragsaanwijzing opleggen. De officier van justitie besluit daarover zo snel mogelijk.
De burgemeester treedt niet op als de officier van justitie de verdachte een gedragsaanwijzing geeft in de vorm van een gebiedsverbod voor hetzelfde gebied waarvoor de burgemeester een gebieds- of groepsverbod overweegt op te leggen. In de Memorie van Toelichting is al aangegeven dat de burgemeester contact opneemt met de officier van justitie als hij een bevel wil opleggen. Als de officier van officier geen gedragsaanwijzing geeft, dan kan de burgemeester van zijn bevoegdheid gebruik maken. Heeft de burgemeester in een eerder stadium al wel een bevel gegeven, dan zal hij dit intrekken als de officier van justitie een gedragsaanwijzing geeft, dat volgt uit het zevende lid.
- Als de officier van justitie een gedragsaanwijzing heeft opgelegd, kan de burgemeester als deze afloopt gebruik maken van zijn bevoegdheden (bijvoorbeeld een gebiedsverbod)?
-
De burgemeester kan dat alleen in uitzonderlijke gevallen. Hij moet onderbouwen dat er na afloop van het gebiedsverbod van de officier van justitie nog steeds ernstige vrees bestaat voor verdere verstoring van de openbare orde. Er moet dus een openbare ordeprobleem zijn dat het opleggen van z’n langdurig bevel rechtvaardigt.
- Wat gebeurt er als een gebiedsverbod van de officier van justitie door de rechter ongedaan wordt gemaakt, bijvoorbeeld vanwege vrijspraak? Kan de burgemeester alsnog een gebiedsverbod op leggen in de plaats van de gedragsaanwijzing van de officier van justitie?
-
De gedragsaanwijzing van de officier van justitie komt door het vonnis van de rechter te vervallen. De burgemeester kan in bijzondere gevallen dan alsnog een gebiedsverbod opleggen, als er ernstige vrees bestaat voor verdere verstoring van de openbare orde.
- Is het mogelijk om de verdachte van overtreding van artikel 141a Strafrecht in voorlopige hechtenis te nemen?
-
Ja.
- Is in het kader van artikel 141a Strafrecht de inzet van opsporingsmiddelen zoals taps en observatie mogelijk?
-
Ja, het aanmerken van dit strafbaar feit als een waarbij voorlopige hechtenis mogelijk is, maakt dit mogelijk.
- Wat zijn voorbeelden van voorbereidingshandelingen die strafbaar zijn wanneer artikel 141a Strafrecht in werking treedt?
-
Artikel 141a Strafrecht stelt het opzettelijk verschaffen van gelegenheid, middelen en inlichtingen strafbaar. Het verzenden van smsjes, telefonische afspraken of afspraken op websites waarin wordt opgeroepen tot het plegen van geweldpleging wordt strafbaar op grond van artikel 141a Strafrecht. Ook kan worden gedacht aan het verstrekken van club- of seizoenskaarten, het uitdelen van prepaid mobieltjes om afspraken te maken.



