Hof Amsterdam: Visitekaartjes geen ‘openbaarmaking’ artikel 3b Opiumwet
Het arrest gaat in op de vraag of het verspreiden van visitekaartjes in een coffeeshop - met daarop de naam, het internetadres van de coffeeshop en een routebeschrijving - in strijd is met het verbod aflevering en/of verstrekking van een middel als bedoeld in artikel 2 en/of 3 Opiumwet te bevorderen.
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Rolnummer
23-006296-06
Wetsartikelen
Als grondslag is gebruikt artikel 3b Opiumwet
Beschrijving
Op grond van de tekst en de parlementaire geschiedenis van de bepaling 3b lid 1 Opiumwet moet worden aangenomen dat in het begrip “openbaarmaking” uitsluitend een verbod op de openlijke aanprijzing van drugs is vervat en dat de ratio van artikel 3b Opiumwet er in is gelegen het aansporen tot en het aanmoedigen van het gebruik van drugs te ontmoedigen.
Het begrip “openbaarmaking” als bedoeld in artikel 3b Opiumwet kan niet zover worden opgerekt dat daaronder de enkele openlijke vermelding van het woord coffeeshop, al dan niet met gegevens als de naam, het logo en/of het (internet)adres ervan, gebracht wordt, zonder dat daarbij in tekst of beeld enige relatie wordt gelegd met drugs. Openbaarmaking van deze gegevens omtrent een coffeeshop kan naar het oordeel van het hof niet worden vereenzelvigd met aanprijzing van hetgeen daar te koop is. De verdachte wordt vrijgesproken.
Vindplaats
Op www.rechtspraak.nl onder LJN: BN7280



