HR: Terechte vordering tot ontbinding huurovereenkomst en ontruiming huurwoning wegens hennepteelt
In cassatie oordeelt de Hoge Raad dat de vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en de daaruit voortkomende ontruiming van de huurwoning rechtmatig is.
Instantie
Hoge Raad
Rolnummer
C04/249HR
Beschrijving
Naar aanleiding van een brand in een woning is een hennepkwekerij ontdekt. Er werd op illegale wijze elektriciteit afgetapt en door kortsluiting in een schakelkast is de brand ontstaan.
De woningstichting vordert een ontbinding van de huurovereenkomst en een
ontruiming van de woning op grond van niet goed huurderschap.
De huurovereenkomst staat op twee namen en één medehuurder vraagt in cassatie om
afwijzing van de ontbinding en ontruiming. Zij verklaart niet van de
hennepkwekerij op de hoogte te zijn geweest. De Hoge Raad stelt dat op grond van
de huurovereenkomst medehuurder hoofdelijk aansprakelijk is voor de
tekortkoming. Daarbij hoeft niet vast komen te staan of zij de kwekerij (mede)
heeft opgezet en/of geëxploiteerd.
Het verweer tegen de ontruiming legt de Hoge Raad naast zich neer. De medehuurder stelt dat zij met haar kinderen, gescheiden van de andere medehuurder woont en dat er niet hoeft te worden gevreesd voor het opzetten van een hennepkwekerij in de toekomst. De Raad volgt echter de lijn van het hof en stelt dat de tekortkoming de ontruiming rechtvaardigt.
Vindplaats
- via www.rechtspraak.nl op LJN AU3255



