Rb ‘s-Hertogenbosch: Terechte sluiting coffeeshop wegens overtreding handelvoorraad, uitleg lokaal
Uitleg van de zinsnede ‘lokalen of bij zodanige lokalen behorende erven’ van artikel 13b Opiumwet. In het onderhavige geval dient een nabij de verkoopruimte van de coffeeshop gelegen kelder te worden begrepen onder deze zinsnede.
Instantie
Rb ‘s-Hertogenbosch
Rolnummer
AWB 08/2372
Wetsartikelen
Als grondslag is gebruikt artikel 13b Opiumwet.
Beschrijving
Bij de beantwoording van de vraag wat onder de zinsnede ‘lokalen of bij zodanige lokalen behorende erven’ van artikel 13b Opiumwet valt, stelt de voorzieningenrechter voorop dat in de Opiumwet of in het beleid geen criteria zijn opgenomen aan de hand waarvan deze vraag zou kunnen worden beantwoord. Ook de rechtspraak op artikel 13b van de Opiumwet heeft hiervoor geen algemeen toepasbare criteria ontwikkeld.
Het gebruiksdoel is een relevante omstandigheid bij het vaststellen wat al dan niet onder een lokaal dient te worden verstaan. In het onderhavige geval staat vast dat tenminste een gedeelte van de in bedoelde kelder aangetroffen hoeveelheid softdrugs handelsvoorraad bestemd was voor de coffeeshop, alsmede dat tijdens de controle in de kelder in werking zijnde monitoren zijn aangetroffen waarop beelden van de coffeeshop zichtbaar waren. Op grond hiervan concludeert de voorzieningenrechter dat de kelder in gebruik was bij de coffeeshop. Dat de kelder mogelijk ook (gedeeltelijk) in gebruik was bij andere (rechts)personen doet daaraan niet af.
Dit betekent dat verweerder in dit verband terecht is uitgegaan van een in, kortweg, de coffeeshop aanwezige hoeveelheid softdrugs van in totaal 2.939,36 gram. De desbetreffende grief van verzoekster faalt dan ook.
Vindplaats
Op www.rechtspraak.nl onder LJN: BE9857



