RvS: Terechte ongeldigverklaring rijbewijs wegens cannabismisbruik.
Rijbewijs ongeldig verklaard, appellant ongeschikt motorrijtuigen te besturen wegens cannabismisbruik.
Instantie
Raad van State, afdeling bestuursrechtspraak
Rolnummer
200400589/1Wetsartikelen
Wegenverkeerswet 1994 art. 130, eerste lid, art. 131, art. 134, eerste, tweede, derde en zesde lid
Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid
Beschrijving
De minister stelt vast dat appellant niet geschikt is om motorrijtuigen te besturen en verklaart zijn rijbewijs ongeldig. Betrokkene voldoet niet aan de gestelde eisen met betrekking tot de lichamelijke en geestelijke geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen; bij een medisch onderzoek werd cannabismisbruik geconstateerd. Wegens gevaar voor de verkeersveiligheid is bij misbruik van psychoactieve middelen (zoals alcohol en drugs) betrokkene altijd ongeschikt voor het besturen van motorrijtuigen (punt 8.8 uit de bijlage bij de Regeling eisen geschiktheid).
De Afdeling bevestigt het oordeel van de rechtbank. "De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat, gelet op de onderliggende onderzoeksgegevens en de wijze waarop deze gegevens zijn verkregen, geen grond bestaat voor het oordeel dat de arts op een onzorgvuldige wijze tot zijn conclusie is gekomen. De rechtbank heeft ook juist geoordeeld dat, gelet op de verklaringen van appellant omtrent zijn drugsgebruik, niet staande kan worden gehouden dat bloed- en urineonderzoek noodzakelijk waren om het gebruik van cannabis aan te tonen."
Hoger beroep ongegrond.
Links
- LJN AP8131 (www.rechtspraak.nl)



