Interdepartementale brief cannabisbeleid
De ministeries van Justitie, BZK en VWS hebben in 2004 de interdepartementale beleidsbrief cannabis opgesteld. In deze brief wordt nader ingegaan op het cannabisbeleid.
Beschrijving
Eind april 2004 is de interdepartementale beleidsbrief cannabis aan de Tweede Kamer gestuurd. Deze cannabisbrief is opgesteld door de ministeries van Justitie, BZK en VWS. In de brief wordt nader ingegaan op enkele belangrijke onderdelen van het cannabisbeleid en worden voorstellen tot aanpassing van het huidige beleid gedaan.
Hieronder volgt een samenvatting van de belangrijkste beleidsvoornemens en een kort verslag van de behandeling in de Tweede Kamer eind juni 2004. Onderaan de pagina staat een verwijzing naar de gehele brief, inclusief de bijlage met de uitwerking in concrete maatregelen. Tevens vindt u de de reactie van de VNG op de cannabisbrief.
In de brief wordt een overzicht gegeven van maatregelen die het Kabinet voorstaat. Deze zijn onder te verdelen in vier onderdelen.
1. Actieplan Ontmoediging Cannabis
Dat er in Nederland een scheidingsbeleid wordt gevoerd betekent niet dat het gebruik van cannabis zonder risico's is. Problematisch gebruik en afhankelijkheid worden gezien als reële risico's. Tevens wordt gewezen op de sterke stijging van het THC-gehalte in cannabis. Het Kabinet heeft dan ook besloten om het ontmoedigingsbeleid (het voorkòmen van gebruik en met name problematisch gebruik) een nieuwe impuls te geven. Daarnaast wordt verder onderzoek bepleit naar gezondheidsrisico's van cannabisgebruik in relatie tot psychische stoornissen en naar de risico's van het gebruik van cannabis met een hoog THC-gehalte. Indien uit onderzoek zou blijken dat het gebruik van cannabis met een hoog THC-gehalte leidt tot ernstige gezondheidsrisico's, dan zal het kabinet zich bezinnen op de consequenties voor het bestuurlijk en strafrechtelijk beleid. In het uiterste geval zou, indien de risico's vergelijkbaar zijn met die van harddrugs, plaatsing van cannabissoorten met een zeer hoog THC-gehalte op Lijst I van de Opiumwet het gevolg kunnen zijn.
2. Aanscherping handhaving cannabisbeleid
Het cannabisbeleid moet worden ondersteund door een strikte handhaving om overlast en andere negatieve verschijnselen tegen te gaan. Het Kabinet vraagt van gemeenten dat zij meewerken aan een aanscherping van het cannabisbeleid. Verder wil het Kabinet komen tot het nog verder terugdringen van coffeeshops in de buurt van scholen en in grensgebieden. Tevens zullen niet-gedoogde verkooppunten worden aangepakt. Ook wordt gepleit voor een intensivering van de handhaving van het coffeeshopbeleid en de aanpak van niet-gedoogde verkooppunten. De knelpunten die gemeenten ervaren bij de toepassing van art. 13b Opiumwet en art. 174a Gemeentewet zullen in overleg met gemeenten aangepakt worden. Het kabinet pleit voorts voor toepassing van het BIBOB-instrumentarium bij het verstrekken van vergunningen aan coffeeshophouders. In de nieuwe Wet politiegegevens zal het mogelijk worden om, onder voorwaarden en indien nodig, in het kader van een regionaal samenwerkingsverband, politiegegevens te verstrekken aan bestuur en samenwerkende partners.
3. Coffeeshoptoerisme
Het Nederlands cannabisbeleid leidt tot een toeloop van buitenlanders, wat weer leidt tot internationale kritiek op het Nederlandse beleid en schadelijk is voor de buitenlandse betrekkingen. Het Kabinet wil in overleg met de betrokken gemeenten passende maatregelen treffen om het cannabistoerisme in te dammen. Zo onderzoekt het Kabinet op welke wijze de verkoop aan niet-ingezetenen tot een minimum kan worden teruggebracht. Om te voorkomen dat coffeeshoptoeristen zich vervolgens zullen wenden tot illegale verkooppunten zal het kabinet er zorg voor dragen dat nadrukkelijk op de illegale verkooppunten gehandhaafd wordt. Om het coffeeshoptoerisme effectief te kunnen bestrijden is het nodig om de grensoverschrijdende politiesamenwerking verder tot stand te brengen.
4. Teelt van cannabis
Het Kabinet pleit voor een intensivering van de aanpak van de hennepteelt. Deze krijgt namelijk steeds meer een bedrijfsmatig karakter en er is sprake met betrokkenheid van georganiseerde criminaliteit. De teelt moet niet alleen strafrechtelijk worden aangepakt maar ook bestuursrechtelijk. Het Kabinet verwacht dat gemeenten de bestuursrechtelijke handhaving stimuleren en intensiveren en dat hierbij wordt samengewerkt met publieke en private partijen. Het Kabinet pleit voor het opstellen van samenwerkingsconvenanten waarin afspraken worden neergelegd over ieders inzet bij de handhaving, en geeft aan deze activiteiten te faciliteren. Naast een bestuurlijke aanpak wordt hennepteelt ook strafrechtelijk aangepakt, zowel ten aanzien van de huisteler als ten aanzien van georganiseerde criminaliteit. Politieregio's dienen hennepteelt aan te pakken op grond van regionale criminaliteitsanalyses, en zij kunnen daarbij zonodig een beroep doen op de nationale recherche. Het Kabinet zal woningcorporaties stimuleren om bedrijfsmatige teelt van hennep in huurwoningen te ontmoedigen door middel van het ontbinden van huurcontracten en/of het sluiten van woningen.
Het Kabinet bepleit tevens een efficiëntere financiële aanpak van henneptelers. Het openbaar ministerie zal met de belastingdienst overleggen over de samenloop van het ontnemingstraject en het proces van het opleggen en invorderen van belastingsaanslagen. Tenslotte zullen de strafmaat en de richtlijn voor beroeps- en bedrijfsmatige cannabisteelt worden herzien in het kader van de omzetting van het onlangs afgesloten Europees Kaderbesluit Illegale drugshandel.



